woensdag 20 januari 2010

UU echt innovatief.

ICT wordt vaak geassocieerd met innovatie, met vooruitgang, met nieuwe toepassingen. In de praktijk van het onderwijs wordt ICT vaak gebruikt voor beheer, voor controle, voor consolidatie. Voor onderwijs zijn degelijkheid en betrouwbaarheid belangrijke waarden. Waar ELO’s zijn geïmplementeerd, worden ze ingezet om het bestaande onderwijs te ondersteunen. De extra mogelijkheden van zo’n omgeving worden hoogst zelden verkend. Onderwijs volgt de werkelijkheid, zelden creëert onderwijs een nieuwe dimensie van werkelijkheid.

Daarom was het nieuws van de Universiteit Utrecht hoewel klein gebracht van groot belang.
De Universiteit Utrecht gaat haar studenten migreren naar Google Apps. Studenten zullen Gmail met een e-mail adres van de universiteit gaan gebruiken.
“De universiteit heeft gekozen voor Google Apps for Education. In eerste instantie is voor de studenten alleen Gmail beschikbaar. "Afhankelijk van de vraag zullen we meer applicaties toevoegen", zegt Van der Wilt. Andere applicaties van Google Apps zijn bijvoorbeeld Calendar en Docs. Er zou worden overgestapt op Google Apps omdat de Utrechtse universiteit zelf niet kan tippen aan de voorzieningen en de opslagcapaciteit van Google of Microsoft, aldus Van der Wilt. Begin vorig jaar heeft een aantal studenten Gmail en Microsofts Live vergeleken; volgens de woordvoerder viel de keuze uit in het voordeel van Gmail vanwege de platformonafhankelijkheid, de ondersteuning voor mobiele telefoons en de mogelijkheden om te categoriseren en archiveren”.bron: Tweakers.net
Voor die enkeling die zich nog niet bewust is van de mogelijkheden is dit plaatje:

Met een keer inloggen heb je toegang tot al deze gratis Google applicaties. Je krijgt er een oceaan aan opslagcapaciteit. En sinds deze week krijg je er bovendien een flexibele opslagruimte bij die we in het schema nog maar even ‘Gdrive’ hebben genoemd.

Zo simpel als het wordt benoemd zo groot is deze stap. Het is moedig van de UU om deze stap vooruit te maken. Weg van de controle, op weg naar mobiliteit van de student, reaching for the clouds…

zaterdag 5 december 2009

Onzichtbaar leren.

Deze week zijn John Moravec en Christobal Cobo gestart met het project Invisible Learning.
Beide heren heb ik op 2 november ontmoet tijdens Education Futures NL. Ze hielden daar een keynote gevolgd door discussie. De manier waarop dit gebeurde was vijf jaar geleden nog ondenkbaar. Moravec was IRL (dus 'in real life')aanwezig, Cóbo via internet vanuit Mexico.
Toen zou ik op deze plaats beschrijven hoe dat technisch kon worden gerealiseerd tegen welk kosten en inspanningen. Nu was het voor alle aanwezigen volledig vanzelfsprekend.
Van Drop Box
Op zich is dit een voorbeeld van wat Invisible learning wil doen.
Invisible Learning wil nadenken over leren in een toekomst waarin alle techniek vanzelfsprekend en daarmee onzichtbaar is geworden. In deze toekomst denkt de leerling niet na over het apparaat, maar uitsluitend in termen als "wat kan ik doen met dit ding..."
Misschien moeten we vaststellen dat die toekomst voor veel van de zittende leerkrachten al heden is.
In the wave die ik samen met o.m. Berend van de Weerdt heb opgezet om die toekomst verder te verkennen hebben we vijf sleutelbegrippen gedefinieerd:
- serendipity
- social media
- being omnipresent
- augmented reality
- connectedness
Het zijn de begrippen die er toe doen bij invisible- en informal learning.
Cobo en Moravec nodigen u uit om samen met hen ervaringen te delen, nieuwe perspectieven te ontwerpen. Zij willen het kritische denken bevorderen en zij vragen u om bij te dragen aan de ontwikkeling van een duurzaam proces van leren, innoveren en ontwerpen voor 'the global society'
Het project 'Invisible learning' mondt onder meer uit in een publicatie waar u aan mee kunt schrijven. Alle informatie hierover is te vinden op de website

Bronnen:
John Moravec
Cristóbal Cobo
invisiblelearning
Education Futures

vrijdag 27 november 2009

Naar doelmatiger onderwijs - deel 3

Onderwijs, gericht op de toekomst?

In het rapport 'Naar doelmatiger onderwijs' worden zes manieren om doelmatigheidsbesef te bevorderen beschreven.

1. Gerichte aandacht voor doelmatigheid bij onderwijsverbetering en innovatie
2. Stimuleer leren van variatie en vergelijking
3. Stimuleer het ontwikkelen van instrumenten die inzicht geven in kosten
4. Doelmatigheid beter inpassen in hrm-beleid
5. Vraag scholen/instellingen jaarlijks rekenschap te geven van hun doelmatigheidsverbeteringen
6. Betrek sectororganisaties, beroepsgroepen en vakbonden bij versterking van doelmatigheidsbesef

Of de leerkracht door deze aanbevelingen meer doelbewust wordt is nog maar de vraag.
Naar mijn mening valt de Onderwijsraad hier in een valkuil die ze zelf in het rapport benoemt.

"Daar komt bij dat leraren een duidelijk onderscheid maken tussen ‘kerntaken’ (het geven van onderwijs en
het omgaan met leerlingen) en overige taken. Taken waarbij niet direct leerlingen zijn betrokken,
bijvoorbeeld administratieve taken, beschouwen zij al snel als (onnodig) papierwerk dat
hen afleidt van hun eigenlijke werk.

De cultuur speelt waarschijnlijk eveneens een rol bij de hoge werkdruk
die veel leraren ervaren. Leraren zijn sterk gemotiveerd voor het geven van onderwijs, maar
voelen zich te weinig gewaardeerd voor hun inzet"

Van de zes genoemde manieren zijn er tenminste vijf gericht op door leerkrachten als ‘bureaucratisch’ gevoelde zaken. Toch werkt een leerkracht vanuit zijn professie heel erg ‘doelbewust’. Het begrip ‘Doel’ kun je definiëren als ‘resultaat’ maar ook als ‘een punt om naar toe te werken’.
In deze beide definities ligt het onbegrip besloten tussen de werelden van Onderwijsraad en leerkracht.

Het gebruik van tags binnen de blogs van Visible Goal

De leerdriehoek

In eerdere blogs heb ik dit beeld opgenomen
Van Drop Box
Natuurlijk is de manier waarop de functies van de verschillende actoren in dit schema worden benoemd discutabel. Een leerkracht kan ook begeleider, coach, adviseur etc. worden genoemd.
De reden waarom ik toch vasthoud aan deze weergave van onderwijs is, dat het proces van het leren wel helder in beeld wordt gebracht.

Voor de blogs van Visible Goal zullen de functie aanduidingen uit dit schema gebruikt worden om de informatie te taggen.

Leerkracht
Leerling
Leerstof
Leren
Context

zondag 22 november 2009

Naar doelmatiger onderwijs - deel 2

-vervolg op voorgaande blog-
Onderwijsraad publiceert het rapport 'Naar doelmatiger onderwijs'
Volkskrant opent het debat over 'De onderwijsagenda'

Vandaag las ik via Twitter twee blogposts over dit onderwerp. Fons van de Berg reageerde in zijn blog op het rapport van de Onderwijsraad. Hij gebruikte de titel "Minder baasjes, meer leiders". Karin Winters blogte over de het door de Volkskrant opgezette onderwijsdebat.
Beide mensen heb ik ontmoet op Education Futures. Kerngedachte van deze bijeenkomst was: Richt je op de toekomst. Het was daarmee een bijzonder inspirerende bijeenkomst. Mbt het debat over de Onderwijsagenda blogt Karin Winters dan ook; "Het kan natuurlijk zijn dat er ook hier vanuit het verleden in plaats vanuit de toekomst geredeneerd wordt"
De manier waarop Karin Winters het initiatief van de Volkskrant ervaart wordt duidelijk in dit citaat:
Een panel van wijzen kiest uit alle problemen 6 thema’s waar in 2010 dieper op in gegaan wordt met een discussie internet en een debatreeks.
Typisch trouwens dat in de titel van de site vraagstukken staat en in de inhoud er over problemen gesproken wordt.
Persoonlijk vind ik de problemen die er opgesomt staan, negatief gesteld en open deuren van hier tot Tokio…..de grote klassen, te veel rompslomp, afschuiven opvoedingstaken op scholen.
Als je uitgaat van de negatieve benadering werk je volgens mij alleen naar een bevestiging van de negatieve stellingen en niet naar de oplossing van de problemen.
Op mijn persoonlijk CV staan zowel een carrière in het onderwijs als een in de sport. Een typering van onderwijs kan zijn; "Ik bouw op de kennis van hen die voor mij waren. Daarbij ligt dus de legitimatie van wat we in het onderwijs doen bij dat wat zich in het verleden heeft bewezen"
Een typering van sport kan zijn: "Hoe gaan we de wedstrijd van morgen winnen?"
In mijn werk heb ik altijd geprofiteerd van de cross-over.
Mijn favoriete citaat is de zin die Edgar Davids uitsprak:
"Ik win, omdat ik elke dag leer!"
Van Drop Box
Hoe gaan we dit debat winnen? Hoe gaan we ervoor zorgen dat het debat toekomstgericht wordt gevoerd? Hoe realiseren we de situatie waarin onderwijs daadwerkelijk is wat het moet zijn: Gericht op de toekomst!

bronnen:
Onderwijsraad "Naar doelmatiger onderwijs"
Volkskrant "De onderwijsagenda"
Fons van de Berg blog "Minder baasjes, meer leiders"
Karin Winters "deonderwijsagenda…iets anders dan De onderwijs agenda"

zaterdag 21 november 2009

Naar doelmatiger onderwijs

Deze week bood de Onderwijsraad het rapport 'Naar doelmatiger onderwijs' aan. Het is een lijvig document geworden. De komende week neem ik de tijd om het te bestuderen. Voor dit moment heb ik alleen de samenvatting doorgenomen (ook deze telt altijd nog twaalf pagina's)
Wat bij lezing opvalt is dat er een paar woorden als een soort mantra door het document heen staan. Deze woorden komen ook steeds weer terug. Het zijn de woorden 'Kwaliteit' en 'Doelmatig'.
Omdat deze woorden een heldere definitie kennen, worden ze -door mij- ook te gauw voor waar aangenomen. Want:
- wat is kwaliteit?
- wat is doelmatig?
Binnen het kader van de samenvatting wordt in elk geval een poging ondernomen om de laatste van de twee te definieren:
"...uitgaande van de huidige middelen een verhoging van onderwijskwaliteit tot stand brengen (beter en of hogere opbrengsten in brede zin) zonder inzet van extra middelen. Daarbij ligt een accent op de inrichting van het primaire proces (het onderwijsproces) en de rol van de leraar daarin."
Deze uitleg van het woord doelmatig is er een die vooral in de financieel/economische hoek past. En daarmee bedoel ik niet te schrijven dat dit verkeerd is. Het is wel goed om dit te benadrukken. En het zou daarom te meer belangrijk zijn om de definitie van het begrip kwaliteit -zoals de opstellers van het rapport die gebruiken- te kennen.
Het rapport vindt u op de site van de onderwijsraad.

Vandaag is de Volkskrant het debat gestart over de onderwijsagenda. Op het eerste blad van het Kenniskatern wordt beschreven wat de aanleiding is en op welke manier het debat de komende negen maanden vorm krijgt. Er worden zes thema's uitgediept. Elk thema wordt uiteindelijk afgesloten met een openbaar debat. U wordt uitgenodigd om deze zes thema's vast te stellen. Ga daarvoor naar De onderwijsagenda Laat uw stem horen en bemoei u met dit debat!

vrijdag 20 november 2009

ICT inpassen in het onderwijs? Liever niet! - deel 2

In de achterliggende jaren heeft het onderwijs gezocht naar een manier om ICT in het onderwijs in te passen. Gelijktijdig met de publicatie van mijn eerste artikel is Wilfred Rubens ook aan een serie begonnen. Hij beschrijft vanuit eigen ervaringen de met welke inzet en ambities het onderwijs in de afgelopen vijftien jaar geprobeerd heeft om ICT een plaats te geven.
Terug kijkend ontstaat bij mij het beeld van een taart, waarin met veel pijn en moeite nog een extra puntje wordt geschoven.
Van Drop Box
En dat extra taartpuntje past alleen maar, als er iets van het andere wordt weggelaten. In mijn jaren als onderwijsbegeleider in Rotterdam was dat ook altijd de hobbel die moest worden genomen bij de implementatie van ICT.
Wat moeten we dan weglaten? Alles is belangrijk!
Ik heb niet de illusie dat dit inmiddels anders is geworden.

Als veelgebruikt argument tegen onderwijsvernieuwing wordt het 'hedendaagse gebrek aan basisvaardigheden' genoemd. Daarbij wordt schuin gekeken naar de rekenmachine die er voor heeft gezorgd dat
niemand nog fatsoenlijk een sommetje uit het hoofd kan rekenen.
Misschien kunnen we dat beeld wat meer genuanceerd bekijken.
Naar mijn mening is het niet de rekenmachine die oorzaak is van het 'grote verval', maar ligt het dichter bij het feit dat we op de oude manier les zijn blijven geven alsof die rekenmachine niet bestond.
In onderstaand beeld een schematische weergave van deze gedachte:
Van Drop Box
Op inzichtelijk niveau reiken we onze leerlingen de nieuwe stof aan. Deze doen hun best om die nieuwe stof te begrijpen en bij de eerstkomende toets laten ze zien dat ze het ook begrepen hebben. Het automatiseren en het toepassen van deze nieuwe stof wordt echter met de rekenmachine gedaan. De leerling weet achter welk knopje die formule zit. De formule zelf hoeft hij/zij daarbij niet meer te vormen. Op inzichtelijk niveau wordt er dus niets geautomatiseerd..., toch?
Of maak ik hier een denkfout?

Structureel werken in Excel zou al een enorme verbetering geweest zijn, omdat de leerling daarbij de formule zelf kan bouwen, kan stapelen en/of ziet ontstaan.
Maar dan moet er wel iets meer gebeuren dan alleen maar iets inpassen. Dan lijkt het er meer op dat we het onderwijs aanpassen.
En dat kan niet! Daar krijgen we geen extra tijd voor. En dus verlies je daarmee kwaliteit...
Of maak ik hier nou die denkfout?

In de achterliggende periode is dit dilemma blijven liggen. En het onderwijs bleef in de keuze hangen.
We doen een beetje ICT erbij...Als het maar wel veilig blijft!

-keep posted-